Foto's
Celluloid Fever
Recensie geschreven door: Caspar van der Waals
De grote zaal van P3 was nog nooit zo klein als tijdens de try-out van Celluloid Fever; het verhaal over – vooral – het verval van filmheldin Rita Hayworth. Dat kwam niet in eerste instantie door de 6 grote gebogen schermen waarop bewegende beelden en foto’s werden geprojecteerd, maar vooral door het intense spel van Hayworth-vertolkster Monique van Haasteren, de enige “levende” actrice binnen het spektakel. Van de overige castleden is slechts een video-versie voorhanden, die overigens allemaal meer dan zwijgzaam zijn. Het publiek moest binnen de projectie-cirkel gaan staan waar geen ontsnappen was aan de waanzin van Rita, die zonder moeite emotioneel heen en weer slingerde tussen zelfverzekerd diva-gedrag en adolescente onzekerheid.
Nagelscheurend is de dialoog tussen Rita Hayworth en een stewardess, die op de doeken rondom close-up - maar zwijgend - in beeld is gebracht. Van Haasteren overtuigd in deze scène van begin tot eind.
Zij blaft het vliegend personeel af terwijl zij – vanzelfsprekend – een fles champagne leegdrinkt. Een pasgetrouwd stel krijgt er ongenadig van langs als zij met Hayworth in gesprek treden, alhoewel het vermoeden bestaat dat het initiatief bij Hayworth vandaan kwam. De diva is op reis.
Pure nostalgie krijgen we te verwerken als Hayworth met behulp van de doeken rondom wordt neergezet in een vooroorlogse nachtclub, temidden van de happy few, die haar kritisch bekijken vanaf de videoschermen.
De bezoeker van Celluloid Fever krijgt de indruk zelf midden in deze nachtclub aanwezig te zijn door de 360°-projectie. In de beelden zien we ook Coparck terug, de band die live in de cirkel aanwezig is, voor de gelegenheid in stemmig zwart gehuld. Het Utrechtse kwartet componeerde en speelt de muziek van deze voorstelling, en doet dat met bezieling.
Gaande de voorstelling kruipt Monique van Haasteren geheel onder je huid, vooral als ze niets zegt. De lange stiltes zijn minstens zo indrukwekkend als de liedjes die zij zingt, begeleid door de band. Als zij dan ook nog tussen de bezoekers gaat lopen zingen, is kippenvel een feit. Zij danst met een gast, flirt poeslief met een ander en legt haar hoofd te ruste bij een derde. Even vergeet je daardoor dat je hier te maken hebt met een vrouw die 5 echtgenoten versleet en zichzelf ver boven de mensheid – nota bene haar eigen publiek - verheven voelt. Nooit kwam theater zo dichtbij.
De zwarte kant van Hayworth zien we expliciet terug als op de projectiedoeken de bommenwerper opstijgt die de eerste atoombom draagt die op de Bikini-Atol werd geworpen. Op de zijkant van de bom prijkte een afbeelding van haar beroemde personage Gilda uit de film “Cover Girl”. "Every man I knew fell in love with Gilda, and woke up with me", zei Hayworth er zelf over. Als op de schermen rondom de nucleaire paddenstoel zichtbaar wordt zien we Hayworth in al haar glorie, te groot voor deze wereld.
Naar het einde van de show toe zien we de (schijn)wereld van Rita Hayworth steeds meer instorten. De muziek wordt intenser, de projecties sneller en de filmster gaat steeds heftiger tekeer. Steeds meer verliest zij de grip op zichzelf. Nog even zien we haar opleven, tijdens een filmische flashback van haar glory days, maar daarna is het eind zoek. Van Haasteren overtuigt als Hayworth, Coparck’s eigen nummers blijken opvallend goed te mixen met klassieke liedjes van Hayworth en de projecties zijn van een schoonheid waar Van Warmerdam, Corbijn en Olaf de hand in lijken te hebben gehad. Dat alles onder de enorme druk van een meedogenloos voortjakkerende reeks projecties, die een vlekkeloze timing van actrice en band vragen. En dan te bedenken dat de productie grotendeels gedragen wordt door jong talent, en niet door de gevestigde orde. Dat belooft wat voor de overige twee producties die deel gaan uitmaken van dit drieluik.
